Een wit kwakertje, met veren zo fijn,
Gerendy is haar naam, zo puur en klein.
Op de vijverrand staat ze, elegant en zoet,
Haar witte verenkleed glanst in 't ochtendgloed.
Met een kwakje hier en een kwakje daar,
Beweegt ze gracieus, zonder bezwaar.
Gerendy, het kwakertje, vol charme en pracht,
Brengt vreugde en rust in de vroege ochtend, zacht.
In het spiegelende water weerspiegelt haar beeld,
Een beeld van eenvoud, dat het hart streelt.
Gerendy, het kwakertje, in haar serene leven,
Laat ons in verwondering naar de wereld om ons heen zweven.
Een wit kwakertje, zo sierlijk en rein,
Gerendy's aanwezigheid doet ons hart altijd schijnen.
In haar rustige kwaken en dansende pas,
Vinden we vrede en geluk, op deze groene plas.